Klik op onderstaande link om de PDF te downloaden met instructie over de werking van deze website.
Melkvee Academie 2.0 is het landelijke ondernemersnetwerk voor toekomstgerichte melkveehouders.
Kennis en ervaringen worden gedeeld door collega's, experts uit het bedrijfsleven en onderzoek.
Boeren leren van boeren!
Fosfaat: Het quotum voor de toekomst
Ingediend door NVeldhuis

De melkveehouderij is aan zet. Of minder koeien of zelf een grote hoeveelheid fosfaat uit de melkveehouderij halen. Nu het einde van de melkquotering in zicht is, is de vraag of daarmee ook de gewenste hoeveelheid melk geproduceerd kan worden? Mest, en daarin vooral fosfaat, zal de komende jaren een bepalende factor worden voor de productieruimte. Dus met een hogere fosfaat efficiëntie is geld te verdienen. Het geeft op termijn ontwikkelingsruimte op het bedrijf.
Op het gezamenlijke Melkveecafé in Scherpenzeel bij de familie Van Ginkel zijn zo’n 60 personen afgekomen. De gespreksleiding was in handen van Art Wolleswinkel van de Melkvee Academie. Tijdens deze avond, in het kader van Haal meer uit Gras en Duurzaam Bodembeheer met VVB Leusden/Woudenberg eo, is gediscussieerd over de mogelijkheden tot een hogere fosfaatbenutting. Zoals vaak begint dit met bewustwording: “Waar sta ik?”, “Waar staan anderen?” en “Waar wil ik naar toe?” Voor veel mensen een eye opener, want nog maar weinig mensen wisten wat hun benutting was. Het meedoen aan de Bedrijfsspecifieke Excretie geeft inzicht in dit cijfer en kan daarnaast als management instrument gebruikt worden om in de toekomst nog efficiënter te produceren (op stikstof en fosfaat).
Uit de cijfers van 2011 van Dirksen Management Support, van zo’n 350 verwerkte Bex-en, blijkt, dat de spreiding in fosfaat efficiëntie tussen de 21 en 42 procent ligt. John Baars van DMS liet zien dat dit grotendeels heeft te maken met de eigen bedrijfsvoering. Belangrijke vragen hierbij zijn:
- Bent u intensief of extensief?
- Heeft u een gras bedrijf met veel weiden?
- Of heeft u veel maïs in het rantsoen en de koeien helemaal binnen?
De spreiding tussen de verschillende voedermiddelen is flink. In maïs zit gemiddeld zo’n
1,5 tot 2,2 P, in gras ligt de spreiding tussen de 3 en 4,5 en in krachtvoer is de spreiding het grootste, namelijk tussen de 4 en 6 P. Hier lijkt dan ook de grootste winst te behalen voor melkveehouders. Daarnaast bleek uit regionale cijfers dat de bodemvoorraad-P in Oost-Utrecht gemiddeld wat hoger is dan landelijk. Daarmee is de bemestingsruimte wat lager, maar is de bodemvruchtbaarheid voor fosfaat zo hoog dat makkelijker gewerkt kan worden met evenwichtsbemesting. Ook dat is goed voor portemonnee, de bodem en het grondwater.
Richard ter Beek van AgruniekRijnvallei sprak over de koe met voerefficiëntie en fosfaatefficiëntie. De mogelijkheden om P te verlagen via krachtvoer zijn beschikbaar, maar hangt vooral af van de bedrijfsspecifieke doelen. De eigen (ruw)voergehalten voor P in de gaten houden blijft van belang voor een goede veegezondheid. Richard ter Beek liet zien dat voerefficiëntie belangrijk is, maar geen doel op zich moet worden. Uit een praktijkstudie die loopt bij AgruniekRijvallei blijkt onder andere dat goede kwaliteit ruwvoer erg belangrijk is voor een goede voerefficiëntie. Met veel natte bijproducten blijkt die vaak lastig haalbaar.
Reactie AgruniekRijnvallei op de bijeenkomst
Richard ter Beek
“Ik heb de avond ervaren als een interactieve avond, waarbij de aandachtspunten rondom fosfaat werden besproken. Daarnaast werd ook nadrukkelijk ingegaan welke mogelijkheden er zijn om hier op in te spelen, nu en in de toekomst. Denk daarbij aan mogelijkheden rondom voeding (zoals voerefficiëntie) en mogelijkheden rondom teelt (zoals bemesting, mais onder folie en bouwplan).”